gepubliceerd op 2010-03-16 00:00:00.0
Het is een uitdaging om open te staan voor een geheel andere visie op gezondheid, beïnvloed als we zijn door onze Westerse denkwijzen. Wilma Smilde, studente Internationale Ontwikkelingsstudies ging voor haar afstudeeronderzoek naar Soedan en haar hele beeld van ‘gezond en ziek’ werd in de war geschud. “Als je niet weet hoe het menselijk lichaam er van binnenuit uitziet, dan levert dat interessante, alternatieve verklaringen op over de oorzaken van ziekte. Geesten, bomen, de maan en verre voorouders kunnen allemaal invloed hebben op je lichamelijke en geestelijke gesteldheid.”
Wilma deed een evaluatieonderzoek voor de organisatie Across. Deze organisatie biedt betrouwbare, natuurlijke geneesmiddelen aan in dorpen op het platteland van Zuid-Soedan. Door de oorlog zijn veel sociale voorzieningen zoals gezondheidszorg slecht of zelfs niet bereikbaar. Dat heeft invloed op de gezondheid van de bevolking. Ook zijn Soedanezen lang niet allemaal naar school geweest en dus hebben ze minder toegang tot kennis over gezondheid. Hierdoor heeft spirituele kennis over bijvoorbeeld geesten en voorouders grote invloed op het dagelijks leven en dus ook op de gezondheidszorg. Wilma: “De mensen gebruiken wel lokale medicijnen, bijvoorbeeld tegen alle soorten buikpijn, maar ze hebben geen kennis van de oorzaken. Afhankelijk van de regio gaan zieke mensen eerst naar de lokale genezer, of naar het ziekenhuis. Als ze bijvoorbeeld door de lokale genezer niet beter worden gemaakt, dan gaan ze naar het ziekenhuis, en andersom.”
De studente Internationale Ontwikkelingsstudies deed ook nog een aanvullend, antropologisch onderzoek naar hoe een lokale bevolkingsgroep, de Dinka, denkt over gezondheid en ziekte. Ook wilde ze weten wanneer de Dinka zichzelf ziek genoeg vindt om naar het ziekenhuis te gaan. “Tijdens interviews in dorpjes stelde ik, via mijn tolk, altijd drie vragen: Ik vroeg wat de persoon dacht dat oorzaken van ziekte konden zijn, welke ziektes de persoon de laatste tijd had gehad en wat de persoon bij ziekte deed. Mogelijke oorzaken waren geestbezweringen, het eten van verkeerd voedsel, het overtreden van normen en waarden (bijvoorbeeld niet goed voor iemand zorgen) of het schenden van de gedragscode tegen een bepaalde boom, steen of de maan, die in relatie staat met de familie.”
Wilma ontdekte dat mensen de oorzaak van ziekte bepalen door wat ze in hun directe omgeving zien. De Dinka ziet bijvoorbeeld het verband niet tussen muggenbeten en malaria. Daar heeft Wilma een verklaring voor: `De mensen worden regelmatig gestoken door met malaria besmette muggen, maar er treden dan nog niet onmiddellijk malariaverschijnselen op. Dat gebeurt pas wanneer de concentratie van parasieten in het bloed te hoog is, of wanneer het heel koud en nat is: dan vermindert de weerstand sterk en slaat malaria toe. Je wordt dus ziek als het koud is. De mug heeft er volgens hen niks mee te maken. De meeste mensen gebruiken wel een klamboe, maar vooral omdat ze het steken van de muggen irritant vinden. Wel staan er overal campagneborden langs de weg die waarschuwen voor de gevaren en oorzaken van malaria, maar de meeste mensen kunnen niet lezen wat erop staat…”
Met de gegevens die Wilma verzamelde, deed ze een aanzet tot verbetering van de situatie: “Naar aanleiding van mijn (evaluatie)onderzoek heb ik als aanbeveling dat er een minder sterke scheidslijn zou moeten zijn tussen de traditionele geneeswijzen met hun natuurlijke medicijnen, en de ‘westerse’ gezondheidszorg. Ze zouden elkaar moeten aanvullen. Ik denk ook dat er nog meer mogelijkheden zijn om met lokale, natuurlijke medicijnen te werken. Dan zouden mensen ten tijde van oorlog ook minder afhankelijk zijn. Mijn advies is dat deze medicijnen onderzocht worden, zodat lokale kennis over de werkzame stoffen en bijwerkingen van medicijnen verrijkt kan worden.”

